Vissen vanaf de kant op witvis

Vanaf de kant zullen we zowel op witvis als op roofvis vissen. Witvissen zijn de prooivissen van roofvissen (hoewel die elkaar ook graag eten). Bekende witvissen zijn voorn, brasem en winde. Op de foto hiernaast zie je een voorbeeld van een mooie winde.

Witvis kan je goed vangen vanaf de kant met een vaste hengel (een hengel zonder molentje) en een dobbertje. Dit is zo'n beetje de oervorm van het vissen. Bij deze manier van vissen kan je aan je dobber zien of je beet hebt (of er een vis in je aas bijt). Om de vissen te lokken kan je af en toe wat lokvoer bij je dobber gooien. Het vissen met een vaste hengel is heel geschikt om kinderen de basis van het vissen te leren. Maar ook voor de doorgewinterde sportvisser blijft dit een prachtige vistechniek.

Een andere manier om witvis te vangen is met een werphengel en een voerkorfje. Iedere keer als je ingooit doe je een beetje lokvoer in het voerkorfje, zo kan je op grote afstand een mooie voerplek maken.

Je gebruikt nu geen dobber, maar kijkt naar het topje van je hengel. Als die flink heen en weer gaat heb je beet. Dit is een makkelijke manier van vissen omdat je aas altijd op of vlakbij de bodem ligt (daar waar de meeste witvis aast) en op stromend water of met veel wind heb je het voordeel dat je dobber niet steeds wegdrijft.